Terug naar inhoud

25 jaar Krokant

Chiro-Bornem en Toneelkring Krokant, of het verhaal hoe alles begon

"Het mosterdzaadje is wel het kleinste van alle zaden, maar als ge geduld en vertrouwen hebt, zul je het zien ontkiemen en opschieten tot een reuzenstruik met grote takken, waarin de vogels kunnen nestelen. Je mag dus niet te vlug de moed verliezen." (Marcus 4, 30-32)

De zaaier van ons mosterdzaadje was Albert Schilders. Op het jaarlijks feest van de Chiro, de welbekende kippenavond, in februari 1972, opperde hij de idee om eens "concert" te spelen. Het doel hiervan : afbetaling van een pas gebouwd lokaal voor de chiromeisjes. Heel wat moeilijkheden dienden overwonnen : zoeken naar acteurs, actrices en een regisseur, een geschikte zaal, mensen achter de schermen en een aangepast stuk.
Men besloot het debuut te wagen met "Het buitenkansje" van Paul Van Morckhoven in zaal "De Nieuwe Roos" in de Kapelstraat te Bornem. Het onvoorziene succes, te danken aan de overvolle inzet van de nog zeer jonge regisseur Ray Van Campenhout en het enthousiasme van de spelers, noopte tot een tweede voorstelling in zaal "De Nieuwe Roos" en een derde voorstelling te Sint-Amands.
Van meet af aan noemden wij onszelf "Toneelkring Krokant", maar wel met een duidelijke en sterke binding met Chiro Bornem, waarvoor de opbrengst grotendeels bestemd was. De naam Krokant werd trouwens ontleend aan het zogenaamde ledenblaadje of leidersblaadje van de Chiro destijds.
Op aanvraag van een meer dan tevreden publiek besloot Krokant zich aan een tweede productie te wagen. "Oscar" van Claude Magnier was geboren en werd in 1973 driemaal voor het voetlicht gebracht.
Dankzij de autoloze zondagen kende "Oscar" een grandioos succes. Een bijkomende voorstelling vond plaats in de zaal van O.-L.-Vrouw Presentatie, ten voordele van zieken en gehandicapten van Ziekenzorg Bornem.
Gesteund door het succes van de vorige jaren en met de toneelmicrobe in het bloed werd besloten het even "Zachtjes met de deuren" te doen (Blijspel in drie bedrijven van Michel Fermand). Deze deuren sloegen open en toe in het jaar 1974.
Al was het volgende stuk "Blijf zitten waar je zit" (Aug. Van Zuylen), zitten blijven konden wij helemaal niet.
Wegens verbouwingen en herinrichting waren wij in 1975 gedwongen het lokaal "De Nieuwe Roos" te verlaten en op zoek te gaan naar een nieuw onderkomen.
In zaal "Victory" werden wij met open armen ontvangen en we speelden er met volle overtuiging "Blijf zitten waar je zit". Dat deden we dan ook tot in 1991 !
Daarna viel de moeilijkste beslissing in de Krokant-geschiedenis : onze overstap in 1992 naar de schouwburg van C.C. TER Dilft.

Maar… nu lopen we vooruit. Terug naar ons onderwerp.
De stichter en initiatiefnemer Albert Schilders werd ook onze eerste voorzitter. Samen met zijn secretaresse Janien De Bruyn, die vele jaren (tot 1989) de stuwende kracht achter Krokant zou blijven, vormde hij een prima tandem.
In 1975 werd René Van Kerckhoven als P.R. man aan dit duo toegevoegd.
En pas in 1977 werd er onder de 34 leden van Toneelkring Krokant voor het eerst een bestuursverkiezing uitgeschreven, na vijf jaar voorzitterschap door Albert Schilders.
Het mosterdzaadje was intussen flink opgeschoten en de vogels begonnen zich in zijn struik te nestelen.

Wie kan er beter ons verhaal verder vertellen dan Frans Vander Elst, zo'n beetje de éminence grise van het ganse gezelschap. Ietwat bescheiden. Toch een tikkeltje vals bescheiden, zoals de meeste acteurs. Maar rad van tong als hij over toneel mag praten.
De enige die het allemaal van in den beginne en zonder onderbreking heeft meegemaakt.

Frans : "Een kleine correctie moet hier toch worden gemaakt. Als ACTEUR ben in wel degelijk de enige die van bij de start in 1972 ononderbroken in alle producties mee op het podium stond. Maar Louise Segers heeft het ook allemaal meegemaakt. Meerdere jaren als actrice, maar verder als onmisbare steun en toeverlaat achter de schermen. Wij vormen nog steeds een duo dat qua denkpatroon op hetzelfde spoor zit."
Ikzelf ben bij Krokant gekomen als vervanger van Flor Peeters, wiens huis was afgebrand. Toen was ik het buitenbeentje, als oud-scout toneel spelend bij een Chiro-groep.
De band met de Chirojeugd is meerdere jaren zeer sterk gebleven, maar beetje bij beetje is Toneelkring Krokant een eigen leven gaan leiden. De vermelding "Chiro-Bornem" is uiteindelijk volledig weggevallen omstreeks 1984-1985.

Vele regisseurs hebben reeds met ons samengewerkt en… van niemand een slecht woord. Toch denk ik dat men het mij niet kwalijk zal nemen als ik er eentje speciaal vernoem : Ray Van Campenhout.
Hij was onze eerste regisseur en was zeker een geval apart. Terecht spreken wij over "het Ray Van Campenhout-tijdperk". Niet minder dan 12 van onze producties nam hij voor zijn rekening. De gedrevenheid en het enthousiasme van deze jonge regisseur werkten aanstekelijk. Hij was streng voor zijn acteurs – en zo had ik het graag – maar in de eerste plaats streng voor zichzelf. Zijn inzet was grenzeloos. De steile groei en bloei van Krokant was in ruime mate aan hem te danken.
Onze andere regisseurs waren :
Eddy Van den Eynde, Mechelen - 1985/86
Guy De Vriese, Sint-Niklaas - 1987
Jos Pottiez, Mechelen - 1988/90-2000
Patrick Baetens, Boom - 1989
Armand Van Reeth, Reet - 1991/98
Jasques Guily, Sint-Niklaas – 1992
Jos De Reu, Wintam - 1993/94/95/96/97
Martin Ghyselinck, Temse – 1999

Toneelspelen is niet louter drie avonden op de planken staan. Hier gaat een hele tijd van intensief werken aan vooraf.
Na elke Kerst- en Nieuwjaarsperiode schiet onze lezersploeg uit de startblokken voor een niet gemakkelijk opdracht. Vele stukken worden opgevraagd en gelezen. Een groot deel hiervan moet worden geschrapt omwille van "te grote of te kleine bezetting", maar vele werken zijn zelfs het papier waarop ze gedrukt zijn niet waard. Een stuk zou eigenlijk maar in omloop mogen gebracht worden na goedkeuring door een bevoegde jury. Op die manier zou misschien het kaf van het koren gescheiden worden.
De uiteindelijke keuze gebeurt in samenspraak met de regisseur. Wij zijn altijd op zoek – maar vinden niet altijd – "het betere blijspel". Zeker niet "goedkoop" of "platvloers", maar liefst aantrekkelijk, feestelijk en amusant. Als we daarbij de mensen kunnen ontroeren en meeslepen, ze de kans geven zich te laten gaan, dan hebben we bovendien een stuk gevonden dat bijna niet te vinden is.

Wanneer ik begin te vertellen over de vele medewerkers die vermeld staan in de programmaboekjes ben ik niet te stoppen.
Ik ben altijd blij eens de loftrompet te kunnen steken over al die helpende handen. Zij verdienen om extra in het zonnetje te worden gezet.
Het amateurtoneel stoelt op een onverdroten en onbaatzuchtige inzet van die vele medewerkers. In naam van alle acteurs en actrices geef ik ze hierbij van harte een warm en oververdiend applaus. In gedachte komt mij iedereen voor de geest, alle helpers van vroeger en nu, en dat zijn er velen. Zeer graag zou ik namen willen noemen, maar ik durf niet. Hier iemand vergeten zou onvergeeflijk zijn. Ik blijf al deze mensen zeer oprecht eeuwig dankbaar.

Nog een teer puntje : als "ONS LOKAAL VICTORY" ter sprake komt geraak en wil ik de nostalgie niet kwijt. De overstap naar de schouwburg van C.C. Ter Dilft gebeurde uiteindelijk uitsluitend omwille van de vele voordelen van accommodatie, zoals mogelijkheden van klant en licht, ideale zitplaatsen, ruime kleedkamers…
Maar…. "De Victory" dat was pas "onzen thuis"!
De verantwoordelijken van Ter Dilft mogen ons dit niet kwalijk nemen.
Ook al zie ik het soms anders, wij worden ook door hen, binnen de grenzen van een noodzakelijk professionele aanpak in de watten gelegd.
Maar dat familiale, dat hartelijke…. Dat was "DeVictory" ! Dat typische, verbonden aan alles wat kleinschalig is.
Warmte en gemoedelijkheid vonden we in overvloed bij Maria en Karel.

Tenslotte nog een woordje over de vier amateurtoneelkringen van Groot-Bornem.
Zo zijn er buiten Krokant (Bornem) nog volgende gezelschappen : "Taal en Kunst" (Eikevliet), "Bloeiende Rozen Concordia" (Wintam) en "De Morgenster" (Hingene).
Alhoewel er vroeger weinig contact was tussen de vier verenigingen is er van ongezonde concurrentie nooit sprake geweest.
Ten andere, in 1990, werd onder impuls van Miel Demont van Eikevliet een eerste bijeenkomst met de vier gehouden om zoveel mogelijk eenvormigheid na te streven bij het bepalen van de inkomprijs, samen publiciteit te voeren en we weten elkaar te vinden bij het opstellen van de nieuwe toneelkalender en zo nodig voor het uitwisselen van materiaal.
Ieder van ons streeft er naar zijn collega's jaarlijks aan het werk te zien. We proberen elkaar te steunen, er is zeker geen sprake van concurrentie.