De Juristenkrant van 24 oktober 2001

Nachtvluchten kunnen mensenrechten schenden

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft het Verenigd Koninkrijk veroordeeld voor een schending van artikel 8 EVRM wegens de toegenomen lawaaihinder van nachtvluchten op de luchthaven van Heathrow- In dit arrest gaat het Hof verder dan ooit tevoren in de bescherming van het recht op een gezond leefmilieu.

De luchthaven van Heathrow is de drukste van Europa. Klachten van buurtbewoners over lawaaihinder zijn dan ook niet nieuw. In dat kader gelden in Heathrow sinds 1962 beperkingen op het aantal nachtvluchten, die regelmatig herzien worden

De klachten in deze zaak hebben betrekking op de gevolgen van de herziening van 1993. Toen werd een nieuw systeem van 'geluidsquota' ingevoerd: aan elk vliegtuigtype werd een aantal geluidshinderpunten toegekend. Per seizoen mag de luchthaven een maximum aantal punten niet overschrijden. 's Nachts gelden specifieke quotabeperkingen, naast een beperking van het aantal vluchten. De bedoeling van het nieuwe systeem was om de geluidshinder te reduceren. Doordat tegelijkertijd de 'nachtperiode' waarbinnen de beperkingen gelden werd verkort, resulteerde de verandering in de praktijk echter in een toename van de geluidshinder. Een beeld van de problematiek: het aantal landingen per halfuur op een gemiddelde ochtend in het winterseizoen bedraagt vijf tussen 4u30 en 5u, zeven tussen 5u en 5u30, drie tussen 5u30 en 6u en achttien tussen 6u en 6u30.

Acht buurbewoners, van wie de helft vanwege de herrie verhuisd was, voerden voor het EHRM aan dat de verstoring van hun nachtrust door het vliegtuiglawaai een inbreuk uitmaakte op hun rechten op bescherming van hun privé-leven, gezinsleven en woonst (artikel 8 EVRM). Met een meerderheid van vijf tegen twee rechters gaf het Hof hen gelijk.

Dat milieuhinder een schending van artikel 8 EVRM kan uitmaken, weten we sinds het doorbraakarrest López Ostra (23 november 1994). In verband met geluidshinder van luchthavens werd echter nog nooit eerder een schending gevonden. Waar is de Britse regering precies in de fout gegaan? Volgens het EHRM heeft ze geen juist evenwicht gevonden tussen het economisch belang van nachtvluchten enerzijds en de hinder die een inbreuk uitmaakt op de individuele rechten van buurtbewoners anderzijds. De Britse regering baat Heathrow niet uit, maar ze maakt wel de regels in verband met geluidsoverlast. Daarvoor beschikt ze over informatie in verband met het economisch belang van nachtvluchten en over studies in verband met de hinder die deze veroorzaken. Het Hof meent echter dat de regering een eigen, kritische evaluatie had moeten maken van de economische informatie. Bovendien was het onderzoek naar slaapstoornissen door nachtvluchten niet grondig genoeg, onder meer omdat het zich beperkte tot slaaponderbreking, terwijl ook slaappreventie (het niet opnieuw kunnen inslapen) een groot probleem bleek te zijn.

Streng criterium

Het EHRM komt tot deze conclusie door het hanteren van een nieuw en streng criterium. Het Hof stelt dat milieubescherming een erg gevoelig domein is, en in die context legt het de overheid de verplichting op om inbreuken op de rechten op privé- en gezinsleven en woonst te minimaliseren. De overheid moet zoeken naar alternatieve oplossingen en in het algemeen ernaar streven om haar doelstellingen te bereiken op de wijze die de mensenrechten het minst belast. Met andere woorden: voorbereidende studies moeten de 'mensenrechtenimpact' van verschillende beleidsopties onderzoeken, en dan moet de optie met de geringste impact worden gekozen. Dit is een nieuw criterium, dat de beleidsvrijheid van de overheid aanzienlijk beknot. Nochtans kende het Hof tot nog toe inzake ruimtelijke planning een ruime appreciatiemarge toe aan de overheid, wat betekent dat het zich juist niet uitsprak over de meest verkieslijke beleidsoptie, maar de ernst van een inbreuk op de mensenrechten op zichzelf evalueerde. Het wordt afwachten of het Hof deze nieuwe benadering ook zal doorzetten in andere materies.

Judicial review gebuisd

Tenslotte stelde het Hof in deze zaak ook een schending vast van artikel 13 EVRM, het recht op effectief rechtsherstel bij mensenrechtenschendingen. In het Britse systeem van judicial review oefent de rechter immers maar een heel beperkt toezicht uit op overheidsbeslissingen. Volgens het Hof was dit in casu onvoldoende om de mensenrechtenclaims van verzoekers tot hun recht te laten komen. Nu de Britten met de Human Rights Act 1995 het EVRM in hun interne recht hebben geïncorporeerd, zullen zij dit probleem dringend moeten aanpakken.

Hof Mensenrechten, arrest Hatton e.a. I Verenigd Koninkrijk van 2 oktober 2001, http://www.echr.coe.int

Terug naar Index

Ga naar 5. Persartikels

Ga naar 5.1.5.03. Overzicht krantenartikels periode 1 juli 2001 - 31 december 2001