Pag. 3

DE PRÉHISTORIE


E-mail: de.duitse.schlager@scarlet.be


INLEIDING | DE PRÉHISTORIE | VAN A TOT Z | DE DUITSE PLATENMERKEN | DE DUITSE SCHLAGERFESTSPIELE

De Duitse

Schlager

in Nederland

en België

Opmerkingen naar:

De préhistorie vangt voor ons aan in 1939, dat is het jaar waarmee de CD-rom «Top 40 Dossier »en het boek « Hit dossier, 7e editie 1939-1998 » begint.

In 1939 komen we « Bel ami » Willi Forst en een eerste keer accordeonist Will Glahé ( °12.02.1902), met zijn musetteorchester tegen, deze laatste met « Feuerwerk ».

1940 is het jaar van Lale Andersen's « Lili Marleen », Willi Forst, die met 3 hits tegelijk in de hitparade staat, « Sag beim Abschied leise Servus », »Ich bin heute ja so verliebt » en « Gnädige Frau, wo waren Sie gestern? » en de dames Evelyn Künneke en de vrouw met mannenstem, Zarah Leander. Evelyn Künneke stond in de hitparade met 2 titels, « Haben Sie schon mal im dunkel geküsst? » en « Sing Nachtigal, sing », terwijl Zarah Leander er met 6 in stond: « Davon geht die Welt nicht under », « Der Wind hat mir ein Lied erzählt », « Gebundene Hände », « Ich habe eine tiefe Sehnsucht in mir », « Kann denn Liebe Sünde sein? » en « Nur nicht aus Liebe weinen ». Het blijft echter niet hierbij, ook Rudi Schurike en Ilse Werner doen hun duit in het zakje, respectievelijk met 5 en 3 nummers. De 5 van Schurike zijn: « Hoch droben auf dem Berg », « Hörst du mein heimliches Rufen », « Komm' doch in meine Arme », « Stern von Rio » en « Komm' zurück ». De 3 van Ilse Werner zijn: « Die kleine Stadt will schlaffen gehen », « Du und ich im Mondschein » en « Wir machen Musik »

Het zou trouwens tot 1945 duren eer we opnieuw een »Duits » nummer in de hitparade terugvinden. Het is bovendien een oorspronkelijk Duits nummer, door een Duitse zangeres-filmactrice in het Engels gezongen: « Lili Marlene », door Marlene Dietrich.

In 1946, het jaar waarin de grondlegger van de Duitse Schlager, Paul Lincke, stierf,  is er enkel Will Glahé met de alombekende « Beer barrel Polka » en in 1947 kunnen we met de beste moeite geen gezongen of instrumentale Duitse hit terugvinden.

Pas in 1948 vinden we opnieuw de echte « Duitsers » terug, met « Wunderbar » van Zarah Leander en « Capri Fischer » van Rudi Schurike, beiden echter in de lagere regionen..

In 1949 speuren we tevergeefs naar een gezongen Duitse hit. Enkel instrumentals komen in de hitparade voor, zoals « Fascination » door Will Glahé en « By the sleepy lagoon » van Helmut Zacharias.

Maar laat ons even verder de 50-iger jaren van 1950 tot '57 chronologisch overlopen.

In mijn geboortejaar 1950 vinden we  "Mariandel", de titelmelodie van de gelijknamige heimatfilm in de hitparade terug en dit in de versie van het mij onbekende duo Maria Andergast & Hans Lang en het instrumentale "Harry Lime theme" door de Oostenrijker Anton Karas, uit de Carol Reed-film "De derde man". "Mariandel" leerde ik later kennen in de versie van Conny Froboess. Ook Lale Andersen is er 10 jaar later opnieuw bij, met 2 hits, « Blaue Nacht am Hafen » en « Unter den roten Lanterne von St. Pauli ». Verder is er de alomtegenwoordige Rudi Schurike met 3 hits: « San Marco Glocken », « Warum weinst du kleine Tamara », later heropgenomen door Margriet Hermans en « Wolgalied » uit de Zarewitsch van Franz Lehar. « Pack die Badehose ein » staat eveneens in de hitparade in de originele versie van die kleine Cornelia (Froboess), toen 7 jaar oud die later als Conny één van de bekendste Duitse schlagerzangeressen zou worden. Ze was de dochter van de Berlijnse componist Gerhard Froboess. De originele versie had ik echter nooit gehoord. (Aan dit gat in mijn cultuur werd inmiddels verholpen …) Wel de vertaling "Naar de speeltuin" van Heleentje Van Capelle is mij bijgebleven.

In 1951 staat Schuricke twee keer in de "charts" met "Auf Wiedersehen" en het reeds hoger genoemde "Florentinische Nächte" en ook het instrumentale "die Rose vom Wörthersee" stond erin. "Auf Wiedersehen" stond in '52 nr. 1 inde USA in der versie van Vera Lynn, with Soldiers and Airmen of HM Forces als "Auf Wiederseh'n Sweetheart".

In 1952 krijgt Schuricke concurrentie van "Bei mir zu Hause" van Friedel Hensch, mij alleen bekend van "Egon" , "der Fremdenlegionär" en « die Fischerin vom Bodensee ». Daar duikt zo waar ook al René Carol op met zijn "Rote Rosen, rote Lippen, roter Wein". Ook "Schützenliesel" een instrumentale compositie van de in '52 van Berlijn naar Beieren (Schliersee) verhuisde Gerhard Winkler, stond in de hitparade. Deze dijenkletser is tot op heden beroemd gebleven in o.a. een versie van James Last (Polka Party) en was jarenlang het "handelsmerk" van de spionkop van Club Brugge, toen een orkest in de tribune rond het voetbaldveld nog kon. Ook op de Münchener Oktoberfeste blijft het een dergelijk veelgehoord nummer, dat de meesten denken, dat het om een Beiers volkslied gaat. Een Duits buitenbeentje in de hitparade is het orkest van Helmut Zacharias (und seine verzauberte Geigen), die met zijn versie van Mantovani's « Charmaine » in de hitparade staat, naast de originele van Mantovani zelf.

1953 brengt een aantal minder bekende nummers in de hitparade, nl. "Die beschwipste Kommode", instumentale honky-tonk van der Schräge Otto (zie hoesfoto op de volgende bladzijde), "Es wird ja alles wieder gut" van Detlev Lais en "Ich kann nun mal das Jodelnnicht mehr lassen" van de Zwitser Vico Torriani. Rudi Schurike is er ook opnieuw en dit keer met de evergreen « Dreh' dich noch einmal um », een nummer waarmee in de 60-iger jaren, ook Rocco Granata nog eens zou scoren. Ook kindsterretje Conny Froboess is opnieuw van de partij, nu met « Der kleine mit der Mundharmonica ». Merkwaardig is wel, dat de Nederlandse Mieke Telkamp, in België, bijna alleen bekend van « Waarheen, waarvoor? », in de Nederlandse hitparade, met 2 Duitstalige nummers voorkomt: « Morgen komm ich wieder » en « Es wird ja alles wieder gut », mij bijgevolg eveneens onbekend.De andere "Duitse" nummers, die in de hitparade staan zijn Engelse vertalingen: "Answer me" van o.a. Frankie Lane en "Glow worm" van de Mills Brothers, een nummer van de Berlijnse componist Paul Lincke.

Het is pas in 1954 dat we "Mütterlein" aantreffen in de versies van Rudi Schuricke en Leila Negra. Ook "Heideröslein"


Volgende pagina